Jerome Dobbelaere

foto 1

 

Jerome Dobbelaere is in Bassevelde geboren op 4 april 1897 en is de zoon van August en van Valentine Haers. Zijn broer en zussen zijn Remi, Irena en Marie.

Vanaf september 1915 haalt hij geheime rapporten af in Gent. Hij brengt ze mee naar Bassevelde en draagt ze daar over aan Isidoor Van Vlaenderen van Boekhoute. Jerome wordt door de Duitsers aangehouden op 4 april 1917 en wordt in Gent in de gevangenis opgesloten. Twee maanden later wordt hij ter dood veroordeeld. De meeste mensen weten heel weinig over zijn werkzaamheden als spion, maar dat is ook net de bedoeling.

Jerome wordt postuum onderscheiden door de Britse regering: hij wordt geëerd met de Member of the Military Division of the Order of British Empire, wordt vermeld in de dagorder van het Britse leger en krijgt de Britse oorlogsmedaille. Ook de Belgische regering kent hem postuum een onderscheiding toe, met name “Het kruis van Ridder in de Leopoldsorde, met Gulden streep”.

Op 10 februari 1919 wordt zijn vurigste wens ingewilligd: hij wordt dan herbegraven in Bassevelde. Er worden dan vurige toespraken gehouden. De burgemeester besluit zijn speech met de volgende woorden: “En nu, Jerome Dobbelaere, vaarwel! tot weerziens in een beter Vaderland, waar geen oorlogen en geen vijanden meer zullen zijn.”

Als de rust terugkeert in Bassevelde, blijft de strijd van zijn familie voor schadevergoeding echter aanslepen. Zo komt het dat zijn moeder in het jaar 1930 nog naar de rechtbank in Gent moet trekken om daar haar belangen en die van haar overleden zoon te verdedigen.